1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14
1 Voor de muziekleider, een psalm van David.
De dwaas zegd in zijn hart:
Er is geen God.
Ze zijn verdorven,
ze hebben afschuwelijke dingen gedaan,
er is niemand die goed doet.
2 De HEER kijkt naar beneden,
vanuit de hemel, naar de kinderen van de mensen,
om te zien of er iemand is die heeft begrepen,
en God zoekt.
3 Ze zijn allemaal ontspoord,
ze zijn met zijn allen verdorven geworden.
Er is geen één, die goed doet,
nee, geen één.
4 Zijn alle boosdoeners onwetend?
Ze eten mijn mensen op, zoals ze brood eten,
en roepen de HEER niet aan.
5 En daar zijn ze,
in grote angst,
want God is tussen de rechtvaardigen.
6 Jullie bespotten de beslissingen van de arme,
omdat God zijn toevlucht is.
7 O, moge de redding van Israël uit Sion komen.
Wanneer de HEER zijn volk bevrijdt,
zal Jakob juichen en Israël zal blij zijn.
maandag 10 november 2008
Psalm 14
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
1 reacties:
Psalm 14.
Van David, voor de Opperzangmeester.
De anarchie der mensen!
De dwaas zegt immer, dat God niet bestaat,
hun misdaad is een gruwelijke smaad!
Er is niemand hier die goed doet of helpt,
geen Samaritaan die het bloeden stelpt !
De Heer ziet op de mensenkinderen,
of er bij zijn die Hem niet hinderen.
Allemaal zijn zij echter in het kwaad,
niets goeddoende en alleen maar verraad.
Zij willen het volk eten als verse broden,
God eren zij niet, verwerpen Zijn geboden.
Kennis heeft niemand, er is alleen kwaad,
tegenstanders van God,zijn vol met haat !
Dan valt op hen de schrik van hun leven,
God zal Zijn kinderen nooit begeven !
Wat Zijn kind doet, willen jullie graag kraken,
God is hun Burcht, Hij zal jullie nu wraken.
Uit Sion zal er zeker Redding komen,
Hij zal daar redden al Israëls vromen !
De Heer brengt een keer in het lot van Zijn volk,
Jacob juicht en Israël zit op Zijn wolk!
Door Jiooda.
Een reactie plaatsen