1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13
1 Voor de muziekleider, op de melodie van De achtste.
Een psalm van David.
2 Help, HEER, want gelovige mensen zijn er niet,
want de getrouwen zijn onzichtbaar tussen de mensenkinderen.
3 Ze spreken in oneerlijkheid tegen hun naaste,
met vleiende lippen en een dubbel hart hart spreken ze.
4 De HEER zal afsnijden alle vleiende lippen
en de tong die hooghartig spreekt.
5 Die zeggen: Met onze tong zullen we overwinnen,
onze lippen zijn van ons.
Wie is heer over ons?
6 Tegen de bedrukking van de arme,
tegen de zuchten van wie in nood is,
zal ik nu opstaan, zegt de HEER.
Ik zal hem redden van wie hem belaagt.
7 De woorden van de HEER zijn puur,
als zilver in een aarden oven verfijnd,
zevenmaal gezuiverd.
8 U zult hen bewaren, O HEER,
U zult ze beschermen tegen deze generatie voor altijd.
9 De kwaadwilligen zijn er overal,
wanneer de kwade mensen worden geëerd.
vrijdag 22 augustus 2008
Psalm 12
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen